Discotheek in de bijenkorf

Verschenen in Roots Magazine – augustus 2014

In het hoogseizoen wordt er aan één stuk door gedanst in bijenkorven. Voor werksters die nectar of pollen vinden, is dat dé manier om hun kennis te delen met andere bijen. Door middel van een ingenieuze bijendans vertellen ze exact waar ze het lekkers kunnen vinden.

credits:dyet

credits:dyet

Het is een zonnige dag en de bijenkorf heeft honger. Zo’n 30.000 honingbijen willen nectar. Veel en nu. Dat moet ergens vandaan komen, maar waar? Deze taak rust op de smalle schoudertjes van de werksterbijen. Een werksterbij produceert in haar leven ongeveer 1 gram honing. Een theelepel honing is dus levenswerk van ongeveer 10 bijen. Bedenk dat er voor een normale pot honing – verkrijgbaar in iedere supermarkt- miljoenen (!) bloemenbezoekjes nodig waren. Gelukkig hoeft niet iedere bij opnieuw een bloem te vinden. Om tijd en energie te besparen hebben bijen een slimme manier om elkaar te vertellen waar de nectar is. Ze dansen zich een weg naar meer honing, gebaseerd op de stand van de zon.

De boodschapper danst

Een speurende honingbij vindt een bloem vol met nectar. Ze verzamelt pollen op haar achterpoten en vliegt terug naar haar hongerige volk. Eenmaal thuis vertelt ze met een dans waar deze heerlijkheid aan haar pootjes zich bevindt. Dit wordt de kwispel- of waggeldans genoemd (1). Ze loopt hierbij in een soort acht-vorm over de honingraat. In het midden loopt ze een rechte lijn en kwispelt met haar achterlijf. Dit is het cruciale onderdeel, waaruit de andere bijen twee dingen opmaken: waar en hoe ver weg de bloem staat.

 

Wiskundige werksters 

Maar hoe werkt dat nou precies? Eigenlijk zijn bijen wiskundige genieën. Ze hebben maar twee dingen nodig als referentie, de zwaartekracht en de stand van de zon. De werkster danst de rechte lijn in een bepaalde hoek ten opzichte van de bovenkant van de raat (2). Deze hoek is de ‘navigatie’ die de andere bijen nodig hebben. Eenmaal buiten de korf gebruiken de bijen precies dezelfde hoek, maar dan ten opzichte van de zon als vliegrichting naar de bloem (3). Loopt de bij tijdens haar dans bijvoorbeeld 55 graden ten opzichte van de bovenkant van de raat, dan vliegen de bijen 55 graden ten opzichte van de stand van de zon. Loopt ze recht naar beneden, dan moeten de bijen van de zon af vliegen. Zo staat de bovenkant van de korf tijdens de dans symbool voor de stand van de zon.

 

Verfijnde choreografie

Ook de afstand van korf naar bloem is belangrijke informatie. Hoe langer de dansende werkster kwispelt op de rechte lijn, hoe verder de voedselbron. Grofweg staat iedere seconde voor een kilometer. Duurt de kwispelende lijn korter dan een seconde, dan is de nectarbron op minder dan 50 meter afstand. Door de korte duur, verdwijnt de lijn uit de dans. Hierdoor verandert de acht-vorm in een cirkel. Daarom wordt deze dans ook wel de ronde- of cirkeldans genoemd (4). Tussen de twee dansen zit nog een tussenvorm die de sikkeldans heet. Deze overgangsdans vindt plaats als de voedselbron tussen de 50 en 100 meter ver weg is.

 

Zonneklok staat stipt op tijd

Alsof dit nog niet indrukwekkend genoeg is, houden deze vernuftige wezentjes ook nog eens rekening met de veranderende stand van de zon. Die schuift namelijk ongeveer elke vier minuten een graad naar het westen. Dat wordt lastig, als je bedenkt dat het in een bijenkorf altijd pikkedonker is. Voor bijen is dat geen probleem. Zij kunnen ultraviolet licht waarnemen, ook in het donker. Ze weten dus altijd precies waar de zon staat, waardoor ze de hoek steeds kunnen bijstellen. Zo is de dans altijd actueel en haarfijn afgesteld op de stand van de zon.

 

Dansen in dialect

Chinese onderzoekers ontdekten dat verschillende bijensoorten in verschillende dialecten dansen. Toch kunnen alle soorten, ondanks het dialect, elkaar moeiteloos begrijpen. De onderzoekers stelden een bijenkolonie samen van zowel Aziatische als Europese bijen (met een Aziatische koningin). Beide soorten dansten anders. De Aziatische soort kwispelde langer en maakte een schuinere hoek dan de Europese, terwijl ze dansten voor dezelfde nectarbron. Toch vlogen alle bijen feilloos naar de nectar.

 

Cheerleader effect

Bijen dansen zich een weg naar nectar. Maar dat niet alleen. De dans roept ook een ‘cheerleader’-effect op en enthousiasmeert andere bijen ook op zoek te gaan naar nectar. Zo zorgt de bijendans met ingewikkelde wiskunde voor meer honing. En natuurlijk voor een vrolijke, bezige bijenkorf.

De bijendans in het echt zien? Ga dan eens op bezoek bij een imker. Kijk voor meer informatie op www.bijenhouders.nl.